February 19, 2020

ROEKELOOS

By Sunny Leone

Lynn trapte geschrokken op het rempedaal van haar rode stadsautootje. Ze kwam net op tijd tot stilstand. ‘Verdomme!’ riep ze uit, terwijl ze zag hoe de blinkende zwarte Audi A8 die haar net had afgesneden, verder reed.

Ze kende deze weg blindelings, ze reed er dagelijks. Was het daardoor dat ze even afgeleid was of kwam het door het liedje dat net op de radio speelde? You’re so vain, you probably think this song is about you…En het was ook zo warm in de auto. Hoe ironisch dat haar airco net kapot was gegaan tijdens die ene week van het jaar dat het echt zomer was.

Ze vloekte nog eens hardop en gaf flink gas. Wat dacht die klootzak eigenlijk wel? Nog nooit van de voorrangsregels gehoord of zo? Ze naderde de Audi en vertraagde weer toen ze vlak achter hem reed. ‘Ik had voorrang!’ riep ze terwijl ze ten volle besefte dat de man in de Audi haar toch niet kon horen. Ze maakte er een wegwerphandgebaar bij.

De man keek haar aan in zijn achteruitkijkspiegel en stak verontschuldigend zijn hand op. Daarna stak hij vragend zijn duim op. Lynn stak als antwoord haar tong naar hem uit, ook al was dat heel erg kinderachtig. Wat dan dan nog? Hij kon het vast toch niet zien.

Ze haalde diep adem. Het was zo verschrikkelijk warm in de auto. De thermometer wees 37 graden aan en ze voelde hoe pareltjes zweet zich vormden op haar voorhoofd. I had some dreams, they were clouds in my coffee…Ze zong zachtjes mee en probeerde weer rustig te worden.

Ze was het voorval van net al bijna vergeten toen ze een paar minuten later bij het stoplicht stilstond. Carly Simon zong haar laatste woorden. I’ll bet you think this song is about you. Don’t you? Don’t you?

Terwijl ze luidkeels meezong, voelde ze dat iemand haar aan het bekijken was. Ze keek opzij en schrok toen ze zag dat de Audi van net, naast haar stond. De man in de auto deed zijn raampje naar beneden. “Sorry van net!” riep hij haar toe, terwijl hij zijn zonnebril afzette en vriendelijk lachte.

Ze schatte hem halfverwege de dertig, hij had kort zwart haar en een stoppelbaard. En heel mooie donkere ogen. Dat kon ze zelfs van op die afstand zien. Zijn Audi had leren stoelen, in een soort lichtbruin dat haar aan koffie met flink wat melk deed denken. Clouds in my coffee…

Knappe man, dure wagen, doet vast iets met marketing of zo, dacht ze. Of heeft een eigen bedrijf. Echt niet het soort man waar ze het warm van kreeg, ook niet bij 37 graden. Eerder het tegenovergestelde.

“Koffie om het goed te maken?” vroeg hij.

Lynn draaide met haar ogen en fronste. Meende hij dat nu echt?

“Ja, ik meen het”, zei hij alsof hij haar gedachten kon lezen. “Ik rij nu naar Café Central en ik wacht daar op je.” Zijn raampje ging omhoog, hij duwde op het gaspedaal en stoof weg.

Lynn was te erg in de war om onmiddellijk te kunnen reageren. Wat een arrogante zak was dat. Dacht hij nu echt dat ze hem zou volgen? No way!

Ze kwam pas weer met haar gedachten bij het verkeer toen de auto’s achter haar begonnen te toeteren. Ze reed voorzichtig verder terwijl ze enkele zweetdruppels met de achterkant van haar hand van haar voorhoofd veegde.

You’re so vain, you probably think… Terwijl ze de woorden opnieuw in haar hoofd hoorde, nam ze een besluit. Ze drukte wat harder op het gaspedaal en zette koers naar Café Central. Ze zou die kwal eens even flink gaan zeggen wat ze van hem vond.

Hoe zelfzeker ze zich daarnet in haar auto nog had gevoeld, zo onzeker voelde ze zich op het moment dat ze het café binnenstapte. Het was jaren geleden dat ze er geweest was. Als jonge twintiger kwam ze hier bijna elk weekend met haar vriendinnen. Meestal spraken ze er af om daarna, na een drankje of drie, ergens anders heen te gaan. Ergens waar er uitdagend op de tafels gedanst kon worden en waar de mannen het niet erg vonden om na urenlange pogingen om hen in hun bed te krijgen, toch afgewezen te worden.